rekenen

Rekenvaardigheid ontstaat door inzicht en oefening. Het inzicht krijgt meestal veel aandacht in de rekenboeken, de oefening minder. Vaak helpt het als een kind al in een lagere groep rekenmanieren leert die hij daarna kan blijven gebruiken. Dit scheelt tijd. Deze tijd kan besteed worden aan oefening. En juist voor zwakkere rekenaars is deze oefening zo nodig. Dit is dus een belangrijk onderdeel van de begeleiding. Maar begeleiding is meer dan het geven van oefenstof.

Externe factoren als gebrek aan oefenstof zijn zelden het hele verhaal. De problemen en hun oorzaken moeten om te beginnen duidelijk worden. Zij bepalen de inhoud van de begeleiding. Voor alle leerlingen geldt dat we kritisch naar de reken-manieren van het kind kijken; deze strategieën worden eventueel, uiteraard in overleg met de leerkracht, aangepast. En ook hier de vuistregel: oefening baart kunst!

Vaak geef ik wat oefenwerk mee om thuis te maken. Dit oefenwerk is over het algemeen specifiek op die ene leerling gericht. Ook kan een leerling gevraagd worden op Rekentuin te oefenen. In de praktijk zelf maak ik veel gebruik van Sommenfabriek en, natuurlijk, het onvolprezen Cijferhaai: nuttig én leuk!

rekenen in de lesbusrekenen praktijk aan huis

 

 

 

 

 

 

 

 

 

….. aan het rekenen ….